Het ontstaan van 'De Windwijzer'

Na de herstructurering van de Protestantse Gemeente in Vlaardingen drie jaar geleden, waarbij er van tien wijkgemeenten werd teruggegaan naar vier wijkgemeenten en waarbijenkele kerkgebouwen werden afgestoten, is er ook besloten om in één van de vrijkomende kerkgebouwen een centrum te vestigen dat een aantal functies van hedendaags diaconaat en citypastoraat zou kunnen vervullen. Dit werd: ‘De Windwijzer’.

  Een voorbereidingscommissie onder leiding van dominee Jan de Geus en diaconaal consulent Rob van Herwaarden ging aan de slag. In de commissie zaten vertegenwoordigers van alle vier de wijkgemeenten, van de Algemene Kerkenraad, de Diaconie, de Kerkrentmeesters en enkele adviseurs. De commissie ging enthousiast aan de slag. 

Van twee kanten kwam er een impuls. Aan de ene kant dook in het nadenken over de herstructurering van onze gemeente, steeds nadrukkelijker de wens op om naast de nieuw te vormen wijkgemeenten ook een vorm van citypastoraat op te zetten, een project ‘kerk in de stad’ of hoe je het maar zou willen noemen. Dat zou geen traditionele wijkkerk met zondagse erediensten, vergaderingen, traditionele catechisatie e.d. moeten worden, maar een laagdrempelig centrum voor met name door de week. Een plek voor zoekers, voor mensen onderweg met hun vragen, hun ideeën, hun verwarring maar ook hun inspiratie en spiritualiteit.

 Een missionair centrum, waar die vragen gedeeld kunnen worden, waar geëxperimenteerd kan worden met diverse soorten vieringen, waar lezingen gegeven kunnen worden, gespreksgroepen en cursussen georganiseerd worden en waar men in stilte kan mediteren, een kaars op kan steken voor een overledene, aan bibliodrama en psalmschilderen kan doen. Een plaats voor kleine concerten, voor solotoneel, voor tentoonstellingen en voor nog veel meer….

Van de andere kant kwam er een impuls vanuit de diaconie, die steeds meer schrijnende armoede tegenkomt, mensen die geen fatsoenlijke maaltijd meer kunnen bekostigen, mensen die vastlopen in de instituties en moeilijke regelingen, mensen die door hun psychische of lichamelijke handicap geďsoleerd dreigen te raken, mantelzorgers die best wat steun en een luisterend oor kunnen gebruiken. Mensen die in een kaal huis wonen en dat in moeten richten, mensen die geholpen zijn met wat aandacht en soms met goede spullen die een ander weg doet. Een mooi groot gebouw in het centrum van de stad zou zoveel meer mogelijkheden bieden dan alleen maar een diaconaal bureau om er b.v. maaltijden te organiseren, een ruilwinkeltje, een beperkte opslag voor tweedehands meubels of witgoed. Het zou mogelijkheden bieden om er cursussen aan te bieden over budgetteren, koken en gezond eten, opvoeding, omgaan met dementie, alcoholverslaving, om er huiswerkbegeleiding te bieden enz. Het zou een herberg kunnen worden waar mensen zich thuis gaan voelen, waar ze voor vol worden aangezien en aangesproken worden op wie ze zijn en wat ze te delen hebben.


Uiteindelijk kwamen die twee impulsen samen in de opdracht om te gaan werken aan een diaconaal-missionair centrum. Een centrum met een boodschap aan mensen en een boodschap voor mensen. Daarmee is Vlaardingen niet de eerste gemeente in Nederland die zo’n centrum voor ontmoeting, bezinning, spiritualiteit en dienstverlening opzet. In Haarlem bestaat bijvoorbeeld al jaren ‘Stem in de Stad’, een initiatief van meerdere kerken samen.

 


Die hebben een aanloopcentrum, begeleiden kerk en asielzoekers, hebben diaconaal-maatschappelijk werk voor mensen die in de problemen komen door verlies van werk, gezondheid, ouderdom, financiële problemen enz. Zij proberen mensen uit hun isolement te halenen hen, in samenwerking met andere organisaties verder te helpen.


Daarnaast bieden ze drie keer in de week een goedkope maaltijd aan. Maar daarnaast is er ook het werk van m.n. de directeur Jurjen Beumer, die stadslezingen (met gasten uit de politiek, van de t.v., de wetenschap, de kerken, maatschappelijke organisaties) en stadsvieringen organiseert en films vertoont. Maar er is ook een stiltecentrum. En er wordt bewust de dialoog gezocht met de andere godsdiensten om te kijken wat hen met hen verbindt als het gaat om de vragen van de leefbaarheid van onze samenleving, de barmhartigheid en de zorg om de schepping. En niet alleen in Haarlem, maarook in Den Haag, Deventer en op nog veel meer plaatsen zijn zulke centra.


 

Al die centra kenmerken zich door een zekere passie en een sterke overtuiging dat de kerk getuigend, gastvrij en dienend midden in de samenleving moet staan, laagdrempelig en open, vindbaar en bereikbaar. Dienstbaar met name aan mensen die slachtoffer (dreigen te) worden van onze manier van samenleven, in navolging van de weg van Jezus. En gastvrij, vanuit een besef dat we allemaal (te) gast zijn bij de Heer. Zij willen een herberg zijn voor mensen onderweg. Zij doen niet mee in de klaagzang over een krimpende kerk, maar vertrouwen op Gods Geest die onder ons werkt, juist als we ons openstellen voor zijn Aanwezigheid in de wereld van de alledaagse ontmoetingen, waar mensen lijden, maar ook waar ze geloven, hopen en liefhebben.


Zij willen antennes ontwikkelen voor de hedendaagse cultuur, willen begrijpen wat zich in hun omgeving voordoet en willen hun eigen taal herijken, zodat ze weer verstaanbaar worden voor anderen. Door gemeenschap te vormen geven ze een antwoord op vereenzaming en individualisering. Zij willen openstaan en bewust ruimte maken voor vogels van velerlei pluimage, leeftijd, geslacht, geloof, gaven en talenten. Zij willen zich laten verrassen en spieden in deze wereld te midden van de hardnekkige structuren en deveelvuldige misverstanden tussen mensen en groepen naar tekenen van hoop en nieuw leven. Daarin groeien ze in geloof en ontwikkelen zij zichzelf. Daaraan geven zij aan een open en ontspannen wijze leiding. Niet star bepalend van bovenaf maar met openheid voor de geest Gods en de talenten en gaven van velen. Ze presenteren zich niet als traditionele ‘kerk’, maar zijn wel degelijk in alledaagse daden van breken en delen voluit herkenbaar als getuigenis van Jezus Christus in deze wereld.


 

Dat centrum moet natuurlijk niet losraken van de rest van de Protestantse Gemeente in Vlaardingen. Idealiter gaan de vier wijkgemeenten dit centrum beschouwen als de ‘huiskamer’ van de Protestantse Gemeente. Idealiter gaan ze alle vier hun bijdrage leveren aan de programmering van dit multifunctionele centrum. Een alphacursus, een verkoopmarkt of boekenmarkt voor een goed doel, die serie lezingen van de wijkpredikant die voor veel meer dan alleen de eigen gemeenteleden interessant kan zijn, die kindermusical, dat reisverslag, het jubileumconcert van de cantorij kunnen er een plaats krijgen.